Het Voorproefje van de Zaak Siena
Onderstaande blogpost beloofde een verslag. En omdat het breken van beloftes mij meestal vrij slecht af gaat, volgt hier dus een verslag. Maar wat te vertellen? Hoe mooi Italië is? Dat kunnen jullie zelf zien in de foto's en valt bovendien niet te beschrijven. Hoe warm Italië is? In vergelijking met Thailand schijnt het nog wel mee te vallen. Wat ik er beleefd heb dan? Misschien, maar ik kan toch nooit alles vertellen, en de meesten onder jullie zullen de foto's al gezien hebben. Hieronder volgt dus een poging om iets te beschrijven wat niet beschreven kan worden en ook niet beschreven hoeft te worden omdat veel luisterrijker schrijvers voor mij dat ook al gedaan hebben, en slechts gedeeltelijk slaagden.
Rome... avondlicht in de San Pietro, goudglimmende mozaieken in de San Giovanni en de Santa Maria Maggiore, mensen in devotie op hun knieën op de heilige trap, muziek op het piazza Navona en bovenal het piazza della Rotonda, waar het Pantheon boven je uit torent en je doet vergeten dat je het al drie keer gezien hebt. Maar ook de zoektocht naar De Ontdekking van de Hemel: het plein van de San Giovanni, het Sancta Sanctorum (Onno's wandelstok is verdwenen, vast veilig opgeborgen ergens in een reliekenkast), Onno's appartementje aan het piazza della Rotonda, de fontein waarop Oscar zat en vooral, vooral de deur. Wat had ik graag een foto gehad van de deur van het Sancta Sanctorum met haar eeuwenoude sloten.
Napels... drukte, smog, niet rijdende bussen, hitte, nog meer drukte, 's nachts je leven wagen door langs de snelweg te lopen omdat er geen bussen rijden, auto's, auto's, auto's, auto's, auto's. Maar ook het archeologisch museum, de Santa Chiara met haar kloostergang en haar gebombardeerde muren, die nu weer gotisch zijn, het museo nazionale, de dom en gratis muziek op het piazza plebiscita met achter je een prachtige kerk. En bovenal: napolitaans brood, italiaanse pomodorini en mozzarella di bufala campana op het strand terwijl de zon daalt over de baai van Napels en het kasteel van Aragon.
Pompeï... hitte, hitte, hitte, hitte, even uitrusten in de schaduw, hitte, hitte, hitte, hitte, hitte, even wat drinken, hitte, tot de zon begon te dalen en de meeste toeristen verdwenen... en wij al compleet uitgeput waren. Maar wat een schoonheid! En wat een sensatie om gewoon in een hele Romeinse stad te lopen. Het staat vol met huizen waar je helemaal opgewonden van zou raken als je ze ergens anders zou bezoeken, maar waar je hier gewoon langsheen loopt, omdat er nog zoveel anders moois is. Ik hoor van iedereen dat Hercolaneum mooier is, kan dat dan?
Maar bovenal was dit mijn laatste bezoek aan Italië waarin ik mij nog echt toerist moest voelen. Voortaan word ik student. Studentessa... dat klinkt goed nietwaar? Nu was ik nog toerist, maar wel een toerist met een redelijke kennis van het land, realiseer je je als je een Amerikaan in de metro in Rome tegenkomt die je vraagt hoe je bij de terminal komt. Aangenomen dat hij stazione Termini bedoelt, leg je hem uit dat, zoals alle wegen naar Rome leiden, alle Romeinse metro's naar Termini leiden. Of als je een paar nauwelijks Engels sprekende Japanners uit moet leggen waar ze zijn. Of als je een gesprekje kunt aanknopen met een echte Napolitaanse, die je uitlegt dat je eigenlijk naar het mooiere Noord-Italië had moeten gaan. Of als je even genoeg hebt van al dat Italiaans en de de man achter de kassa vraagt of hij Engels spreekt, waarop hij antwoordt dat jij toch Italiaans spreekt, dus waarom zouden we moeilijk doen?
Tja, waarom zouden we moeilijk doen? Omdat Italiaans, misschien niet moeilijk, dan toch wel een nog zeer vreemde taal voor mij is, die veel denkwerk vereist. En die ik slechts met horten en stoten kan spreken. Als die taal maar wat natuurlijker voor mij zou worden, wat zou dat alles al een hoop vergemakkelijken.

0 Comments:
Een reactie posten
<< Home